Get Adobe Flash player

 

Contact gegevens:

gnome home

Boxtel Vooruit

GCAH de Jong

Vorsenpoel 34
5283 ZK Boxtel
+31 (0)6-23746642

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

www.boxtel-vooruit.nl

 

De vriendin van de Boxtelse reus is Hanne mî de Moor uit Liempde

Jas de Keistamper, eerste reus op Nationale Inventaris Immaterieel Cultureel Erfgoed

Onder grote publieke belangstelling vierde Boxtel op zaterdag 28 september 2013 de plaatsing van reus Jas de Keistamper op de Nationale Inventaris Immaterieel CultureelErfgoed. Daarmee was het de eerste reus op wat in een paar jaar tijd is uitgegroeid tot een prestigieuze lijst waarop erkende, waardevol geachte Nederlandse tradities staan – van Sinterklaas tot de Elfstedentocht en het Midwinterhoornblazen.

Een vermelding op deze nationale inventaris genereert veel publiciteit. Zo kreeg Jas de Keistamper de hoofdrol in het televisieprogramma Man bijt Hond in november 2013. Door middel van dit optreden in het veelbekeken programma leerde Nederland veel over de achtergronden van de reuzencultuur.

Deze cultuur begon wat Boxtel en Jas de Keistamper betreft in 1949. Tijdens de naoorlogse wederopbouw zette Boxtel er de schouders onder. In deze sfeer van hard werken en betrokkenheid op elkaar werd Jas de Keistamper geïntroduceerd. Met Koninginnedag 2009 werd zijn zestigste verjaardag gevierd. Toen kreeg hij een vriendin, Hanne mî de Moor. Deze reuzin symbolise

oisterwijk

ert het naburige Liempde dat in 1997 tijdens de gemeentelijke herindeling bij Boxtel werd gevoegd. Het reuzenconcept dat in de gemeente Oisterwijk werd ontwikkeld, heeft op deze manier in buurgemeente Boxtel navolging gekregen.

Sinds 1949 is Jas de Keistamper een wezenlijk onderdeel van de Boxtelse samenleving geworden. Zo is het een vast gegeven dat hij optreedt tijdens Koninginnedag. De persoon die de reus draagt, spreekt de inwoners toe die tijdens de afgelopen Lintjesregen een koninklijke onderscheiding hebben gehad én hij oefent kritiek uit op die dingen die in Boxtel niet goed verlopen.

Jas de Keistamper is een verwijzing naar het historisch feit dat Boxtel in 1393 de eerste plaats in Noord-Brabant was met een met stenen verharde verbindingsweg naar Den Bosch. Inwoners van omliggende plaatsen waren jaloers. Ze noemden de Boxtelaren Keistampers. Deze spotnaam werd een geuzennaam, een symbool van voortvarendheid en doorzettingsvermogen. Het reusachtige van reus Jas de Keistamper moest deze eigenheid uitvergroten. Dat was de idee achter de creatie van een reus in 1949.

De techniek die bij de bouw werd toegepast, getuigde van eigenzinnigheid. Het leverde een zeldzaam type reus zonder onderstel op. Dat bestaat uit de benen van een sterke man die de reus draagt. Hij torst de romp en de kop. Deze constructie maakt de 3,75 meter hoge reus tot een zeer beweeglijk type. Hij kan bovendien het hoofd draaien, een hand geven, de romp vooroverbuigen én hij kan praten. Met name kinderen weten al deze foefjes te waarderen.

In 2007 is Jas de Keistamper volledig vernieuwd. Deze klus werd uitgevoerd door het Tilburgse kunstenaarsechtpaar Cyntia Dekeyser en Gérard Dielemans. Zij tekenden later ook voor de creatie van Hanne mî de Moor in buurdorp Liempde. Zowel de naam als de uitvoering van de reuzin haken aan op een kunstwerk bij de toegang tot het voormalig gemeentehuis van Liempde. Een vrouw in negentiende-eeuwse Brabantse kleding giet uit een moor (waterketel) heet water over de stoep. Ze doet dat om onkruid of mieren te verdelgen, maar de handeling wordt ook gezien als het symbolisch reinigen van de entree tot het gemeentehuis als zich daar weer het nodige politieke gekonkel heeft voorgedaan.

Bij hun optredens worden Jas de Keistamper en Hanne mî de Moor vergezeld door een loopgroep/dansgroep en een muziekgroep. De laatste heet de Jasband, een vrolijke woordspeling van Jas en jazz. De loopgroep was tot en met 2008 een dansgroep. Op den duur bleken te weinig dansers permanent beschikbaar. Zo werd het een loopgroep, die onder de naam Keigoeikes danst als er voldoende vrijwilligers zijn.

(Paul Spapens)